Na de voorstelling

Het is donderdagmiddag en ik zit in mijn werkkamer. Links van mij hangen lamellen, die het zonlicht filteren. Daarachter een zon, die uitbundig straalt. 

Ik denk: eens kijken of ik uit mijn geheugen een ontmoeting voor de geest kan halen, die indruk maakte. 

Nu is er een glimlach op mijn gezicht. In mijn herinnering zie ik mezelf staan op het Klokhuisplein in Haarlem. Boven mijn hoofd houd ik mijn bordjes Free Hugs omhoog. Op driehonderd meter van deze plek bevindt zich een filmhuis.

Vanuit de verte zie ik twee vrouwen rustig wandelend mijn kant op komen. De ene vrouw schat ik een jaar of zeventig. De andere rond de vijftig. Als de twee dames dichterbij zijn, open ik mijn armen en vraag of ze een knuffel willen. Ze houden hun vaart een beetje in en kijken elkaar aan. De oudste vrouw gaat overstag. Ze opent haar armen en we omarmen elkaar rustig en met aandacht. Dan voel ik haar schouders een paar keer lichtjes schokken. 

“Is alles goed met u, mevrouw?”

Opeens heeft ze een zakdoekje in haar linkerhand en dept haar ogen.

Ze zegt: “Ik kom net met mijn dochter uit de bioscoop. We hebben een film gezien en die was zo mooi. Hij was verdrietig, maar zo mooi. Ik ben er nog helemaal ontdaan van.”

De jongere vrouw doet een stapje dichterbij en opent haar armen. Ik doe mijn armen ook wijd open en we omhelzen elkaar. Dan laten we elkaar weer los en ze doet een stapje achteruit. 

“Weet je, lieverd”, zegt de vrouw tegen haar dochter, “ik zei net al tegen je dat ik het zo’n prachtige film vond, maar nu merk ik dat ik er nog helemaal ontdaan van ben. Laten we even wat gaan drinken.” 

We nemen afscheid van ze en wensen elkaar een fijne dag.

Een half uur later zit ik in een lunchroom aan hetzelfde plein. En opeens zie ik de twee vrouwen in de verte bij het raam zitten. Op twee stoelen naast elkaar, jassen over de rugleuning. Ik voel een neiging om even naar ze toe te lopen. Mijn oog valt op de arm van de dochter, die op de rugleuning van haar moeder rust. Haar open hand ligt losjes tegen diens schouderblad aan.

Ik denk: stoor ze maar niet, ze zijn al met elkaar in verbinding, prachtig, zo na de voorstelling. 
 

Plaats een reactie